Zwaardere geldboetes vanaf 1 februari 2026 in het sociaal strafrecht
Door een verhoging van de opdeciemen (van 70 naar 90) moeten de in het Sociaal Strafwetboek vermelde geldboetes voortaan vermenigvuldigd worden met 10 in plaats van 8. Dit op zich betekent al een stijging van 25%.
Bovendien is nu ook voorzien dat “in geval van een verzwarende factor” de geldboete, of die nu administratief of strafrechtelijk is, nooit minder mag bedragen dan de helft van het maximale bedrag van de geldboete zoals voorgeschreven in het Sociaal Strafwetboek. Er is dus een ondergrens van 50% van de maximale geldboete. Met “verzwarende factor” wordt bedoeld een inbreuk bestraft met niveau 4 – dit is het zwaarste strafniveau binnen het Sociaal Strafwetboek – die daarenboven wetens en willens is gepleegd of bij belemmeringen van de controle door de sociale inspectie met gebruik van fysiek of psychologisch geweld of bedreiging van de inspectie. Er geldt evenwel een uitzondering voor inbreuken die worden bestraft met een niveau 4 net omwille van het wetens en willens handelen. Mocht de verzwarende factor voor dergelijke inbreuken gelden, dan zou dit leiden tot een dubbele verhoging.
Stel bijvoorbeeld dat een rechtspersoon zich bezondigt aan zwartwerk, dan is er sprake van een inbreuk van niveau 4. Als deze inbreuk wetens en willens is gebeurd, dan is er sprake van een verzwarende factor. Voor misdrijven daterend van vóór 1 februari 2026 kon de correctionele rechtbank in dit geval een boete opleggen waarbij er een vork gold tussen de 24.000 en 576.000 EUR voor rechtspersonen als dader. De minimale strafrechtelijke geldboete was dus 24.000 EUR. De rechtbank moest wel de verzwarende factor in rekening brengen voor de bepaling van de strafmaat, maar er was geen ondergrens. Voor feiten vanaf 1 februari 2026 geldt in dit geval, wegens de verhoging van de opdeciemen én de verplicht te respecteren ondergrens van 50% van de maximale geldboete wegens het wetens en willens plegen van de inbreuk, een vork van 360.000 tot 720.000 EUR.
De nieuwe regeling voor misdrijven gepleegd vanaf 1 februari 2026 is vervat in de Wet van 19 december 2025 betreffende de verhoging van de opdecimes en de verzwaring van de geldboete voor inbreuk op het Sociaal Strafwetboek met een verzwarende factor.